Meedoen?! Next Step

Over NAH

Niet-aangeboren hersenletsel (NAH)

Hersenletsel is een beschadiging aan de hersenen. Als dit ontstaat na je geboorte is het ‘niet-aangeboren hersenletsel’ (NAH).

In oorzaak is er onderscheid tussen traumatisch (THL) en niet-traumatisch hersenletsel (NTHL). THL ontstaat door direct contact met het hoofd en/of acceleratie-deceleratie (versnelling-vertraging) van het hoofd waarbij de nek een onverwachte slingerbeweging maakt. Bijvoorbeeld door een val op de grond, ergens tegen aanrijden, aangereden worden, een zwaar voorwerp op het hoofd krijgen, of het binnendringen van een voorwerp in de hersenen. NTHL kan ontstaan door b.v. een beroerte (hersenbloedig of infarct, ook wel CVA genoemd), hersentumor, hersen(vlies)ontsteking.

NAH kan variëren in ernst van licht, matig (of middelzwaar) tot ernstig. Deze onderverdeling wordt gemaakt op basis van de mate en de duur van bewustzijnsverlies en/of de duur van posttraumatische amnesie (PTA). PTA is een staat van verwarring en desoriëntatie als gevolg van een stoornis in de inprenting van nieuwe herinneringen.

Jaarlijks lopen ruim 20.000 jongeren (0 tot 25 jaar) NAH op, 25% houdt last van de gevolgen.

Mogelijke gevolgen

Meest voorkomende gevolgen van NAH zijn:

  • Fysiek: gezondheid, belastbaarheid, bewegen, handelen
  • Cognitie: aandacht, geheugen, tempo, flexibiliteit, probleemoplossend vermogen, overgevoeligheid voor prikkels
  • Waarneming: zien, horen, ruiken, proeven, voelen, bewegingsgevoel
  • Communicatie: spreken of begrijpen van taal, humor
  • Gedrag: initiatiefloos, impulscontrole, grenzen stellen, sociaal inzicht, persoonlijkheid
  • Psychisch: angst, depressie, moeite met verwerking of intimiteit/seksualiteit.

Na een hersenschudding (Licht Traumatisch Hersenletsel) hebben de meeste jongeren de eerste dagen last van hoofdpijn, snel moe zijn en soms misselijkheid. Meestal gaan de klachten na een tijd weer voorbij. Ongeveer één op de vijf jongeren houdt klachten over. Moeite met opletten, geheugenproblemen en last van dingen die met je zintuigen te maken hebben (bijv. last van fel licht of van harde geluiden, bepaalde geuren vies vinden ruiken, schrikken als je voelt dat iemand je plotseling aantikt).

Impact op jongeren

De gevolgen van NAH kunnen sterk verschillen. Meestal is de impact op jongeren fors. Je wilt weer zo snel mogelijk ‘de oude worden’, het is heel frustrerend als je merkt at dit toch wel erg veel tijd en moeite kost of net helemaal lukt.
Jongeren willen weer meedoen thuis, op school of in werk, in hun vrijetijdsbesteding en willen zo min mogelijk missen. Jongeren zijn gewend veel energie te hebben, kunnen veel tegelijk aan en herstellen snel als zij even over hun grenzen heengaan.
Voor de jongeren is het extra lastig dat zij zelf ook geen idee hebben wat hen overkomt. De gevolgen van NAH zijn voor hen ook nieuw, zij hebben geen voorbeeld of vergelijksmateriaal. Vooral ‘onzichtbare klachten’ als pijn, vermoeidheid en concentratieproblemen zijn voor jezelf en iedereen om jou heen moeilijk te vatten en leiden al snel tot overschatting en onbegrip.
Vooral in transities naar volwassenheid (b.v. start in voortgezet onderwijs, op kamers gaan, relaties en seksualiteit) is de kans op uitval of terugval in autonomie en zelfredzaamheid door de gevolgen NAH relatief hoog.

Impact op gezin

Vanzelfsprekend is de impact op het gezin groot. NAH ontstaat plotseling en onverwacht. Je hebt als ouder, broer of zus geen idee wat dit betekent en wat je te wachten staat. Elk kind is anders, elk gezin is anders, elk NAH is anders: de verschillen van de impact op het gezin zijn daardoor groot.

Bekend is, dat de lange termijn gevolgen van NAH voor het kind mede bepaald worden door gezins- en omgevingsfactoren (bijvoorbeeld steun en begrip) en omgekeerd ook het gezinsfunctioneren (bijvoorbeeld sfeer, tijd, onderlinge relaties) beïnvloed kan worden door de gevolgen van NAH. Onderzoek leert dat in circa 40% van de gezinnen teveel stress ontstaat en het gezin hier ook 12 maanden na het ontstaan van het letsel nog last van heeft. Bekend is ook, dat gezinsleden onvoldoende ondersteuning vragen en krijgen.